Land nourishing: De toekomst van landbouw en natuurbeheer?
- Jos Willemsen
- 7 jun 2023
- 9 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 14 jun

In het kort: Het is één van de grote vragen van deze tijd: Hoe kunnen we voor een groeiende wereldbevolking voldoende voedsel produceren en tegelijk de impact van ons voedselsysteem op de natuur verkleinen? Voorstanders van het landsparing model geloven dat het beste is om landbouw en natuur te scheiden (sparing). Voorstanders van het landsharing model, zien meer in een model waarin landbouw en natuur volledig met elkaar verweven worden (sharing). Maar in beide modellen wordt vergeten dat deze planeet vruchtbaar is. Wanneer we aan vruchtbaarheid gaan bijdragen kunnen we de positieve impact van ons voedselsysteem steeds meer vergroten...
Door Jos Willemsen
Hoe maak je van zonlicht miljoenen wormen? Ja van zonlicht miljoenen pissebedden, miljoenen vogels, kilometers schimmeldraad, takken vol sappige pruimen, ja van zonlicht zelfs tonnen tarwe en kubieke meters hout?
Door het zonlicht eerst in plantenmassa om te zetten. En deze plantenmassa vervolgens te oogsten en als hoogwaardig voedsel aan dieren en bodemleven over te dragen. Zo kan het bodemleven door dit vele opneembare voedsel, door al die heerlijke uitwerpselen steeds talrijker worden en zo kan dit bodemleven de vruchtbaarheid van de bodem steeds meer vergroten. De mineralen die wel in de bodem aanwezig zijn maar voor planten niet opneembaar zijn die kunnen zij zo steeds meer opneembaar maken. Gevoed door de zon.
Alle crises verdwijnen zodra we van het eten van voedsel opnieuw creatieprocessen maken
In de nieuwe landbouw gaat het oude chemie paradigma (met kunstmest en sproeimiddelen) waar we zolang vertrouwd mee zijn geweest verschuiven naar een nieuw paradigma (of eigenlijk een heel oud paradigma), een vruchtbaarheidsparadigma. Dat denk ik. Hierin gaan we weer leren dat de aarde, de planeet waarop wij leven in de eerste plaats niet als stoffelijk maar als energetisch en vruchtbaar begrepen dient te worden. Hierin gaan we weer leren dat alles wat hier op aarde leeft meewerkt om de vruchtbaarheid van deze planeet steeds meer te vergroten. Hierin gaan we weer leren dat de aarde geen gesloten systeem is maar zich open stelt, dat ze ontvangend is en vruchtbaar bovendien. En het voedsel voor die steeds meer toenemende vruchtbaarheid, die komt niet uit zakken,
die komt van de zon.
Maximale fotosynthese, dat wordt het nieuwe normaal. Geen akkers meer die zes maanden per jaar onbegroeid zijn maar landschappen die voortdurend groen zijn en zo voortdurend energie van de zon overnemen. Spijsvertering en biodiversiteit worden de heilige graal voor bodemvruchtbaarheid en het ontstaan van overvloedig veel leven en overvloedig veel voedsel. We gaan weer leren dat het eten van voedsel - van alle soorten en door alle soorten - geen consumptie is maar in de diepste essentie creatieprocessen zijn.
Door het eten van voedsel, door de uitwerpselen aan de aarde over te dragen, wordt de energie die door planten van de zon is overgenomen in een metabolistisch weefsel in de aarde opgehoopt en zo verbetert de groei van planten steeds meer. Of simpel, door het eten van voedsel, ontstaat steeds meer voedsel. De aarde is zo niet een ge-dijend systeem maar een uit-dijend systeem. De aarde wordt in een goed functionerend metabolistich weefsel steeds energieker, steeds vruchtbaarder en steeds productiever.
Gevoed door de zon.

Het eten van voedsel is een creatieproces
Het eten van voedsel wordt in deze moderne tijd nog altijd als consumptie begrepen. En wijzelf als consument. Ook dieren worden in input-output economieën ondergebracht. En in deze consumptie concepten ontwricht het natuurlijk creatieweb steeds meer. Het ontwricht de patronen waarin energie door fotosynthese van de zon wordt overgenomen en door spijsvertering in de aarde word opgehoopt. Alle crises verdwijnen zodra we van het eten van voedsel opnieuw creatieprocessen maken. Zodra we begrijpen dat uitwerpselen niet een laagwaardiger residu zijn maar een hoogwaardiger product zijn (of zouden moeten zijn).
Zodra dit levende weefsel in staat wordt gesteld in het overnemen en ophopen van zonlicht steeds succesvoller te zijn wordt de aarde steeds vruchtbaarder en steeds productiever
Planten, dieren, schimmels, bacteriën, ze vormen samen één groot vruchtbaar weefsel. Of beter gezegd: We vormen samen één groot vruchtbaar weefsel. Een weefsel dat de potentie heeft steeds vruchtbaarder te worden. Zodra dit levende weefsel in staat word gesteld in het overnemen en ophopen van energie steeds succesvoller te zijn gebeurt dat. En wij kunnen meewerken om het succes van dit oogsten en ophopen van energie steeds meer te vergroten. Door de transformatie van voedsel hoogwaardig te laten verlopen wordt de bodem jaar na jaar steeds vruchtbaarder.

Steeds vruchtbaarder
Alle crises waar we nu mee te maken hebben (biodiversiteit, bodem, water, klimaat, voedsel, energie, stikstof...) kunnen worden samengevat als een wereldwijde vruchtbaarheidscrisis. Deze planeet wordt steeds minder vruchtbaar. En in deze vruchtbaarheidscrisis warmt het klimaat op en worden steeds meer emissies uitgestoten. Het zorgt ervoor dat biodiversiteit afneemt en dat er schaarste ontstaat. Zodra andere soorten in staat worden gesteld aan het vergroten van vruchtbaarheid mee te werken vergroot de vruchtbaarheid en worden ook die grote opgaven opgelost. Alle soorten staan klaar om hier aan mee te werken, om te doen wat zij zo goed kunnen en ook zo graag doen: Eten!
We zijn druk met het verduurzamen, met het verkleinen van onze negatieve impact. Maar inplaats van te bedenken hoe ieder van ons iets kan inleveren om zo die zo genaamde natuurlijke balans te vinden kunnen we aan herstel van vruchtbaarheid bijdragen. Door aan vruchtbaarheid bij te dragen hoeven we niet in te leveren, dan kunnen we in rijkdom leven, in echte rijkdom. Zo kunnen we productie met beperkte natuurlijke hulpbronnen (oa kunstmest, metalen, brandstoffen) naar productie met onbeperkte natuurlijke creatiepatronen verschuiven (oa fotosynthese, metabolisme, dynamiek). De kunst is van materie-denken naar ecosysteem-proces-denken om te schakelen. Als we dat gaan doen wordt de discussie van land sparing of land sharing ook ineens veel minder relevant.

Van land sparing en land sharing naar land nourishing
Hoe kunnen we voor een groeiende wereldbevolking voldoende voedsel produceren en tegelijk de impact van ons voedselsysteem op de natuur verkleinen? Die vraag is de laatste jaren actueler dan ooit. Voorstanders van het landsparing model geloven dat het 't beste is om landbouw en natuur te scheiden (sparing). Met maximale voedselproductie op een zo klein mogelijke oppervlakte, komt ruimte vrij voor puur natuurbehoud zo redeneren zij. In dit model worden landbouw en natuur quasi volledig van elkaar losgekoppeld. Voorstanders van het landsharing model, zien meer in een model waarin landbouw en natuur volledig met elkaar worden verweven (sharing). Deze twee visies vormen al decennia lang een bron voor discussie.
Maar met het 'land sparing' model houden we er geen rekening mee dat in veel van de bestaande grote natuurgebieden zoals in Noord- Oost- en Zuid Europa de biodiversiteit ook aftakelt. Meer ruimte voor natuur vrijmaken betekent dus nog niet als vanzelf dat natuur zich in voldoende mate kan herstellen. Er is iets anders nodig. Ik denk dan aan een grondige herbronning van de mens-natuurrelatie. Een relatie waarin we natuur niet langer zo goed mogelijk proberen te beschermen maar een relatie waarin we natuur in topconditie brengen.
In landbouwgebieden en ook in natuurgebieden.
Met het 'land sharing' model houden we er geen rekening mee dat we door heel krachtige natuurlijke creatiepatronen worden omringd. De ambitie om samen met andere soorten in een co-excistence te kunnen ge-dijen maakt zo maar heel beperkt gebruik van de creërende kracht van het weefsel waarin wij leven. De ambitie van co-excistence zouden we nog veel groter en rijker kunnen maken...
Land nourishing
Terwijl de modellen van land sparing en land sharing zich richten op de vraag hoe we de impact op de natuur kunnen verkleinen zouden we een andere vraag kunnen stellen: Hoe kunnen we de impact op de natuur met positieve bijdragen vergroten? En als we dat gaan doen, zal dan ook de productie van voedsel weer toenemen? En zullen dan ook de grote opgaven waar we voor staan (biodiversiteit, bodem, water, klimaat, voedsel, energie, stikstof, ruimte...) als vanzelf weer verdwijnen?
De landbouw van nu produceert voedsel voor mens en dier. De landbouw van de toekomst produceert voedsel voor mens, dier
én voor moeder aarde
Wordt dit het nieuwe boeren? Ik denk het wel. En wordt dit het nieuwe natuurbeheer? Ik denk het wel. De landbouw van nu produceerde voedsel voor mens en dier. De landbouw van de toekomst produceert voedsel voor mens, dier én voor moeder aarde. Gelijktijdig. En wie nu denkt dat productie van voedsel voor de aarde ten koste gaat van productie van voedsel voor mens en dier heeft daarin gelijk en ongelijk. In het begin zal het voor mens en dier minder voedsel opbrengen. Maar de aarde wordt zo opnieuw steeds vruchtbaarder, de productiekracht neemt hierin steeds meer toe. En ook woestijnvorming wordt teruggedraaid. En in deze ontwikkeling ontstaat een omslagpunt waarna ook voedsel voor mens en dier steeds meer toeneemt. Zonder van aanvoer van meststoffen afhankelijk te zijn.
Het nieuwe boeren is de kunst om van het eten van voedsel opnieuw creatieprocessen te maken. Het nieuwe boeren is de kunst om met de successie mee te gaan, het is de kunst de juiste condities te scheppen. Het is de kunst om op het juiste moment de juiste talenten (soorten) aan te wenden. En zo samen met andere soorten het hele systeem steeds verder op te pompen, steeds levendiger te maken en steeds productiever.
Het nieuwe boeren wordt super leuk!




Met andere soorten samenwerken
Planten, dieren, schimmels en bacteriën, voor mij zijn het allemaal boeren. Want het zijn allemaal voedselproducenten. En zij produceren dit voedsel niet voor zichzelf maar zij produceren dit voedsel voor volgende soorten. Het is een voortdurend vinden, overnemen, transformeren en weer overdragen van voedsel, van vormen van energie. Alle soorten doen dit door zelf te eten. Maar we zien nu dat deze metabolistische processen ontwricht zijn. In landbouwgebieden, maar ook in de meeste natuurgebieden.
Ik denk dat wij ook in natuurgebieden veel meer moeten ingrijpen. Nu veel soorten ondervertegenwoordigd of uitgestorven zijn is ook hun (specifieke) metabolisme ondervertegenwoordigd. Veel voedsel wordt wel aangeboden maar het wordt niet meer gegeten, het wordt niet langer hoogwaardig getransformeerd. Zo wordt bodem niet langer met opneembaar (!) voedsel gevoed.
Zodra we weer aan vruchtbaarheid bijdragen wordt het voedselweb opnieuw een creatieweb, dan wordt co-excistence co-creation
Alles leeft om hoogwaardig getransformeerd te worden, op het moment dat de meeste energie is opgehoopt. Als dat niet langer gebeurt, wanneer veroudering optreed dan neemt ook de energiewaarde af dan neemt ook de levenskracht af, dan neemt leven af. Een appel moet gegeten worden als ze rijp is. Niet wanneer ze rottend op de grond ligt. Zo moet ook gebladerte gegeten worden wanneer het groen en springlevend is. Niet wanneer ze in verdorde toestand op de grond gevallen is. Leven is leven en doden (en danken).
Ooit gonsde, daverde en kwetterde onze landschappen. Er werd toen heel veel gedood en gegeten. Doorheen de tijd zijn we van overwegende spijsverterende landschappen naar overwegende composterende landschappen geëvolueerd. Ooit waren onze landschappen springlevend, er werd voortdurend gegeten. Later verdwenen steeds meer dieren en composteerde het dorre blad door het relatief rijke bodemleven ook nog best goed.
En nu ook het bodemleven ondervertegenwoordigd is en het composteren ook niet langer goed verloopt leven we met overwegende oxiderende landschappen. De humusfractie van de bodems neemt af, CO2 uitstoot neemt toe. Wormen, pissebedden, schimmeldraden, en ook boterhammen gaan letterlijk in lucht op. Ooit bestonden landschappen uit planten én dieren (en schimmels en bacteriën) maar we zijn nu gewend geraakt aan landschappen die bijna alleen nog uit planten bestaan. Ooit werd er ook van bomen gegeten en werden weiden volledig afgegraasd. Wanneer dat niet langer gebeurt, veranderd er dan iets?

Het gaat niet goed met onze natuur. Er wordt naar klimaatverandering gewezen, naar stikstof, naar verzuring en verdroging. Maar ik denk dat er nog iets anders aan de hand is.
Het landschappelijk metabolisme is ontwricht. De processen die er voor zorgen het aangeboden voedsel hoogwaardig getransformeerd wordt en in vruchtbare bodem kan worden opgenomen en opgehoopt, die processen zijn ontwricht. De blaadjes vallen in verdorde toestand op de grond, vegetatie gaat onbegraasd en in verdorde toestand de winter door. Het wordt niet langer in opneembare uitwerpselen (babyvoeding voor de insectenlarven en ander klein leven) aan de bodem overgedragen.
En natuurlijk spelen klimaatverandering, stikstof, verzuring en verdroging ook een rol. Maar ik zie in alle projecten waar wij aan werken de biodiversiteit (en de productie) steeds meer toenemen. Ondanks klimaatverandering, stikstof, verzuring en verdroging. Wanneer de aangeboden plantenmassa opnieuw hoogwaardig getransformeerd wordt gebeurt dat.
Er is wél iets aan te doen.

Van rentmeesterschap naar hoederschap
Wij kunnen aan de hoogwaardige transformatie van plantenmassa meewerken onder andere door holistische begrazing (ookwel schokbegrazing of rotatiebegrazing genoemd) en door zomersnoei en mulchen. Ook wij mensen zijn deel van het ecosysteem en ook wij hebben iets aan het succes van andere soorten bij te dragen.






Door aan vruchtbaarheid bij te dragen kan de biodiversiteit weer toenemen. Bodem vruchtbaarder maken is iets wat alle boeren van oudsher graag doen. Iedere boer heeft een intrinsieke drive om het land voor de volgende generaties in een verbeterde toestand achter te laten.
Maar het is ook iets waar wij allemaal aan kunnen bijdragen. Daarom zou het ook zo veel waard zijn als mensen tot land en natuur meer toegang krijgen en zo van het natuurlijk leven opnieuw een succes kunnen maken terwijl zij voedsel produceren.
Zodra wij aan vruchtbaarheid gaan bijdragen wordt het voedselweb opnieuw een creatieweb. Co-excistence wordt dan co-creation. In samenwerking met andere soorten kunnen wij deze planeet steeds rijker eten
Gevoed door de kracht van zonlicht...
Training
Ontdek onze training syntropische landbouw . Speciaal voor wie van 'De mens als nuttige soort' een succes wil maken en zich met natuurlijke creatiekracht wil verbinden.
Voor boeren én voor niet-boeren
Jos Willemsen - Enjoys creating vivacious environments by teaming with life...
Van de aarde als gesloten systeem begrijpen |
Naar de aarde als openstellend, ontvangend en vruchtbaar systeem begrijpen |
Van produceren met beperkte natuurlijke hulpbronnen |
Naar produceren met onbeperkte natuurlijke creatiepatronen |
Van kringlopen (proberen te) sluiten |
Naar aan vruchtbaarheid bijdragen / aan creatiepatronen bijdragen: - oogsten en ophopen |
Van het eten van voedsel als consumptie |
Naar het eten van voedsel als creatieproces |
Van co-excistence en ge-dijende biosfeer |
Naar co-creation en uitdijende biosfeer |
Van rentmeesterschap |
Naar hoederschap |
Van land sparing en land sharing |
Naar land nourishing |
De film 'JOS - de mens als nuttige soort' is nu te zien op Youtube



Opmerkingen